Elsje verslaat de ALV

Een meneer van ons klupblad vroeg ik of ik voor die krant een stukje wilde schrijven over de ALV. Ik wist eerst niet wat dat was maar omdat ik consumptiebonnen en worst kreeg en laat naar bed mocht omdat ik naar Dames 1 mocht kijken, heb ik maar ja gezegd.

De ALV is een vergadering van leden van onze klup, een soort kringgesprek dus waarin veel gepraat wordt over hoe het gaat en hoe het beter kan. Ik heb nog nooit zoveel lange mensen, wel 60, bij elkaar gezien. De meisjes hadden hun staartje afgedaan en waren allemaal dun en lang en blond en knap en de mannen waren alleen maar lang en dronken bier (5 x). De ALV begon met een Nieuwjaarsreceptie. Omdat er een tekort was, was er geen geld voor champagne en hapjes (vertelde mijn vader). Dat vond ik wel jammer. Van die hapjes dan, want champagne lust ik denk ik niet. Bier vind ik ook hartstikke smerig.

Een meneer Henk die voorzitter was (of misschien ook niet, want hij had geen pak aan en ook geen stropdas om) wenste iedereen een gelukkig 2020. Het ging goed zei hij en hij bedankte iedereen daarvoor. Daarmee was hij nog niet klaar, want hij praatte maar door en liet ook nog wat dia’s zien. De voorzitter hield ervan om veel te praten. Niet alleen op de vergadering maar ook na de vergadering en daarna ook nog, wilde hij met iedereen doorpraten. Je kunt zelfs iedere 1e maandag van de maand bij het bestuur komen en meepraten.

Op de belangrijkste dia stond een huis. Dat was de klup waar je trots op kon zijn. Op het dak van het huis stond een grote kist en daarin zaten allerlei lijnen: de topsportlijn de jeugdlijn, de regiolijn. Daar wordt verder aan getekend en over doorgepraat.

Ook over de samenwerking met het CSE werd veel gepraat. Wat dat is weet ik niet maar daar hoef ik verder niets over te vertellen (volgens mijn vader) want daar waren vragen over en er wordt nog verder mee en over gepraat.

Na de voorzitter kwam een aardige meneer met een baardje. Hij was de penningmeester (of misschien was hij ook maar een invaller, want hij had geen leren koffertje bij zich, maar alleen een tasje van de ALDI). Hij goochelde met allerlei cijfers op de Power Point. Eerst had hij een tekort maar daarna kwam er een lange man uit Heren 4 die de penningmeester zo maar geld gaf. De club gaat dus niet failliet.

De penningmeester is vast een slimme man want nu hield hij geld over. Ook had hij nog allerlei reserves voor shirts en ballen. En die reserves waren alleen maar groter geworden. Dat is goed nieuws want ik wil volgende jaar graag een cooler nieuw shirt. Ook zei meneer Henk nog dat er volgend jaar meer geld is voor de jeugd (mooi, ook voor mij, dus).

Wat ik gek vond, was dat de penningmeester een schouderklopje kreeg (volgens Google decharge) terwijl hij toch vorig jaar te veel had uitgegeven. Ook dit jaar komt hij weer geld te kort doordat er zoveel goede trainers zijn gekocht. Maar misschien hoopt hij dat Heren 4 nog een keer geld gaat geven. Of dat iedereen weer bier, wijn, worst, chocolade, boterletters en oliebollen enz. gaat kopen (mijn moeder noemt VC Zwolle “de eetclub”. Zij is niet sportief en snapt niet dat alle dames zo slank blijven – maar ze ziet dus niet hoe hard iedereen traint).

En daarna werd meneer Gerard (van Vliet- redactie) in het bestuur gekozen. Iedereen kende hem al, dus hij kreeg een groot applaus. Ik ken meneer Gerard omdat hij ons heeele team een keer naar een oefenwedstrijd in Vroomshoop heeft gebracht. Dat ging heel gemakkelijk want zijn auto was HUGE en stuurde zichzelf. Meneer Gerard gaat de Algemene Zaken doen. Dat betekent vast dat alles prima voor elkaar komt.

Gelukkig had daarna niemand meer wat te vragen en kon ik mooi naar Dames 1 kijken. Eerst ging het niet zo goed maar daarna gingen ze harder slaan en blokten ze alle ballen van die arme meisjes uit de Peel af en wonnen ze drie sets achter elkaar. Ze slaan wel harder dan ik maar ik train ook maar twee keer per week. Dat vind ik wel genoeg want ik maak minder opslagfouten dan hunnie. Daarna was er nog een klupfeest maar daar mocht ik jammer genoeg niet komen. Dat is maar goed ook zei mijn moeder, want je wilt niet weten wat daar allemaal gebeurt. Volgend jaar dan maar!

O ja, wat nog raar was, is dat er meer vrouwen volleyballen bij de klup, maar dat er alleen maar heren waren die aan het praten waren. “Vrouwen doen het werk, en mannen praten alleen maar” zei mijn moeder toen. Maar nu stop ik want toen kregen mijn vader en moeder daar (bijna) ruzie over. Ik vond het een leuke dag maar de volgende keer moet iemand anders uit mijn team maar een stukje schrijven. Doei!

 

Een jeugdlid